Exam.ify
Illustration for the article: OMPT-score verbeteren in 30 dagen: een plan van 80 uur voor OMPT-A

2026-07-23 · Bijgewerkt 2026-09-08 · 9 min. leestijd

OMPT-score verbeteren in 30 dagen: een plan van 80 uur voor OMPT-A

Dertig dagen is genoeg om een OMPT-A-score van rond de 55% naar een voldoende 70% te brengen, mits je ongeveer 80 uur besteedt aan de juiste hoofdstukken in de juiste volgorde. De toetsaanbieder meldt dat studenten die zijn lesmateriaal doorwerkten gemiddeld 76% scoorden bij hun eerste poging; studenten die dat niet deden 40%.

Dit plan is gemaakt voor OMPT-A: 52 vragen in 120 minuten, 176 onderwerpen in 8 hoofdstukken en een aanbevolen voorbereiding van 80 uur. Verderop staat hoe je het aanpast voor OMPT-B, OMPT-E en OMPT-D. Examify is een onafhankelijke aanbieder van oefenmateriaal en is niet verbonden aan de OMPT, SOWISO of een universiteit.

Waar de 80 uur naartoe moeten

De officiële OMPT-A-syllabus geeft per hoofdstuk het aantal onderwerpen, en die aantallen lopen sterk uiteen. Functies telt 35 onderwerpen en Differentiëren 34; samen zijn dat 69 van de 176 onderwerpen, ruwweg 40% van de syllabus. Getallen (17), Lineaire formules en vergelijkingen (17) en Stelsels van lineaire vergelijkingen (10) zijn kleine hoofdstukken die de meeste studenten al half beheersen.

Daarom krijgen Functies en Differentiëren in dit plan ongeveer 32 van de 80 uur, gaan de eerste tien dagen naar de basishoofdstukken waar elke latere vraag op steunt, en zijn 9 uur gereserveerd voor drie volledige proeftoetsen (hoofdstukkenlijst: OMPT-A-syllabus).

Het 30-dagenplan voor OMPT-A

DagenFocusDoelUrenResultaat
1Diagnostische proeftoets (52 vragen, 120 min)Eerlijke nulmeting vóór je iets bestudeert3Score per hoofdstuk, foutenlog, rangorde van hoofdstukken
2–4Getallen, Algebra (43 onderwerpen)Breuken, exponenten, wortels, ontbinden, algebraïsche breuken zonder rekenmachine820 oefenvragen per dag in 2 min per vraag
5–7Lineaire formules, Stelsels van lineaire vergelijkingen (27 onderwerpen)Helling, snijpunt met de as, ongelijkheden, substitutie en eliminatie7Elk stelsel op beide manieren opgelost, gecontroleerd door invullen
8–10Kwadratische vergelijkingen (21 onderwerpen)Abc-formule, kwadraat afsplitsen, top, kwadratische ongelijkheden8Elke vergelijking op twee manieren opgelost
11–14Functies IDomein en bereik, machtsfuncties, polynomen, wortelfuncties11Transformatieschetsen, inverse van 10 functies
15Proeftoets 2Voortgang meten op de helft3Nieuwe rangorde van hoofdstukken, uren herverdeeld
16–18Functies II, Exponentiële functies en logaritmen (14 onderwerpen)Gebroken functies, asymptoten, logaritmeregels, exponentiële vergelijkingen9Getimede sets van 15 vragen
19–24Differentiëren (34 onderwerpen)Regels, kettingregel, product- en quotiëntregel, raaklijnen, extremen1625 afgeleiden per dag, daarna toepassingen
25–27Gemengde getimede oefensets, proeftoets 3 op dag 27Volledig tempo van 2,3 min per vraag9Eindscore, wel of niet doorgaan met de boeking
28–30Alleen herhalenFoutenlog, formuleblad, rust5Lijst met slordigheidsfouten, geen nieuwe stof

Dat is 79 uur, oftewel 2,5 tot 3 uur op een studiedag. 120 minuten voor 52 vragen is ongeveer 2,3 minuten per vraag, dus elke oefenset na dag 1 maak je met een zichtbare timer op dat tempo.

Noteer bij elk fout antwoord in je foutenlog het hoofdstuk, de naam van het onderwerp uit de syllabus en een van twee labels: "methode onbekend" of "slordigheidsfout". De methode-onbekend-regels bepalen wat je hierna bestudeert; de slordigheidsfouten bepalen wat je in de laatste week controleert.

Drie routes, afhankelijk van je score op dag 1

  • Start rond 40%, doel 60%. Je nulmeting laat methode-onbekend-fouten zien in Algebra en Kwadratische vergelijkingen, niet alleen in Differentiëren. Rek het plan op naar 3 tot 3,5 uur per dag (90 tot 100 uur): geef 4 uur extra aan Getallen en Algebra, 3 uur extra aan Kwadratische vergelijkingen, houd het blok Differentiëren maar stop bij raaklijnen en extremen, en sla de laatste onderwerpen over gebroken functies (quotiëntfuncties, perforatie) over tenzij proeftoets 2 laat zien dat je tijd hebt. 60% is ongeveer 31 goede antwoorden van de 52, dus nauwkeurigheid in de basishoofdstukken levert meer op dan dekking van de moeilijkste onderwerpen.
  • Start rond 55%, doel 70%. De tabel zoals hij is, ongeveer 80 uur. Scoor je bij de nulmeting 80% of hoger op Getallen, druk dag 2 tot 4 dan samen tot twee dagen en zet de 3 gewonnen uren in Functies II. 70% is ongeveer 37 goede antwoorden van de 52.
  • Start rond 65%, doel 75%. Schrap Getallen, Lineaire formules en Stelsels van lineaire vergelijkingen helemaal, tenzij je foutenlog iets anders zegt; dat scheelt ongeveer 10 uur, zodat de maand op 60 tot 65 uur uitkomt bij ruwweg 2 uur per dag. Besteed dag 2 tot 7 aan Kwadratische vergelijkingen en Functies, wissel op dag 8 tot 24 Functies, Exponentiële functies en logaritmen en Differentiëren af in getimede sets, en voeg op dag 21 een vierde proeftoets toe. Op dit niveau zijn de meeste verloren punten slordigheidsfouten, dus maak elk fout antwoord de volgende dag opnieuw vanaf nul in plaats van de uitwerking te lezen.

Proeftoetsen op dag 1, 15 en 27

Dag 1: maak een volledige OMPT-A-proeftoets (52 vragen, 120 minuten) voordat je iets bestudeert. De gratis preview van Examify toont twee van de moeilijkere generatie-1-vragen met het echte antwoordveld; gebruik die om de invoerregels te leren en maak daarna de volledige generatie-1-proeftoets of de proeftoets van de toetsaanbieder zelf. Kijk hem na per hoofdstuk, begin het foutenlog en zet de acht hoofdstukken op volgorde van zwakst naar sterkst.

Dag 15: een tweede volledige proeftoets onder dezelfde omstandigheden: timer aan, geen aantekeningen, antwoorden getypt. Vergelijk per hoofdstuk met dag 1. Elk hoofdstuk dat nog onder 50% zit krijgt 2 tot 3 uur extra, weggehaald bij het hoofdstuk dat het meest vooruitging. Ligt je totaal niet minstens 8 tot 10 punten boven dag 1, dan zit het probleem meestal in het tempo en draai je de oefensets van dag 25 tot 27 op 2 minuten per vraag in plaats van 2,3.

Dag 27: de laatste proeftoets en het beslismoment. De OMPT moet minstens 72 uur voor het tijdslot geboekt zijn, dus zit je op dag 27 meer dan 10 punten onder je doel, verzet dan het examen in plaats van een poging te verbruiken die je misschien niet mag herhalen. Na dag 27 geen nieuwe stof; de laatste drie dagen zijn foutenlog, formuleblad en slaap.

Bepaal je doel voordat je begint

Erasmus School of Economics vraagt van IBEB-kandidaten 70% op OMPT-A en telt alleen de eerste poging; andere opleidingen accepteren 60% of staan drie pogingen toe. De volledige lijst staat in OMPT-cesuur per universiteit en op elke universiteitspagina.

Mik op proeftoets 3 op 10 tot 15 punten boven het minimum van je opleiding. Proeftoetsscores schommelen 5 tot 10 punten tussen twee keren, en bij het echte examen komen een surveillant, een ID-controle en een kamerscan bij. Een minimum van 70% betekent een proeftoets 3 van 80 tot 85%. Is het minimum niet gepubliceerd, kijk dan op de opleidingspagina en plan voor 75%.

Het plan aanpassen voor OMPT-B, OMPT-E en OMPT-D

  • OMPT-B (64 vragen, 150 minuten, 226 onderwerpen, ongeveer 100 uur) voegt Goniometrie en Integreren toe aan de OMPT-A-hoofdstukken. Houd het OMPT-A-deel van het plan op 60 uur door Getallen, Lineaire formules en Stelsels tot één dag elk in te korten, en geef Goniometrie en Integreren 40 uur tussen dag 16 en 26. Dat is 3,3 uur per dag; bij 2,5 uur per dag plan je liever 40 dagen. Hoofdstukkenlijst: OMPT-B-syllabus.
  • OMPT-E (40 vragen, 120 minuten, 161 onderwerpen, ongeveer 120 uur) laat Differentiëren vallen en voegt vijf statistiekhoofdstukken toe: beschrijvende statistiek, kansrekening, combinatoriek, stochastische variabelen en veelgebruikte kansverdelingen. Geef dat traject het blok Differentiëren plus dag 25 en 26, ongeveer 22 uur, en reken op 4 uur per dag om aan de aanbevolen 120 uur te komen. Hoofdstukkenlijst: OMPT-E-syllabus.
  • OMPT-D (21 vragen, 180 minuten, 242 onderwerpen, ongeveer 120 uur) beslaat alle 11 hoofdstukken, inclusief Goniometrie, Meetkunde en Integreren, met ongeveer 8,5 minuten per vraag en vragen die meerdere onderwerpen aan elkaar koppelen. Dertig dagen werkt alleen vanaf een nulmeting van 55% of hoger bij 4 uur per dag; daaronder plan je 6 tot 8 weken. Hoofdstukkenlijst: OMPT-D-syllabus.

Boeken, beoordeling en de deadline

Boek het tijdslot minstens 72 uur van tevoren; het examen wordt online gesurveilleerd via ProctorU, met een ID-controle en een kamerscan. De uitslag komt binnen 8 werkdagen, dus de toetsdatum moet minstens twee weken vóór de aanmelddeadline liggen.

Elke poging kost €240 voor OMPT-A (€270 voor OMPT-D) en wordt apart gekocht. De meeste opleidingen staan maximaal drie pogingen toe, maar sommige tellen alleen de eerste, dus check je opleidingspagina voordat je een vroege poging verbruikt.

Antwoorden worden gecontroleerd door een computeralgebrasysteem en nagekeken door een wiskundige. Reken niet op een gedeeltelijke score voor een fout eindantwoord; het antwoord moet wiskundig juist zijn en ondubbelzinnig ingevoerd. Oefen vanaf de eerste proeftoets met het intypen van antwoorden precies zoals je dat op het examen doet.

Veelgestelde vragen

Is 30 dagen genoeg om de OMPT te halen?

Voor OMPT-A wel, als je start rond 55% op een volledige diagnostische proeftoets en de aanbevolen 80 uur maakt (2,5 tot 3 uur per dag); dat brengt een score doorgaans naar 70%. Vanaf 40% mik je op 60% in 30 dagen, of je telt er twee weken bij. OMPT-B, OMPT-E en OMPT-D vragen 100 tot 120 uur, dus 30 dagen betekent 3,3 tot 4 uur per dag.

Hoeveel uur per dag moet ik voor de OMPT studeren?

Ongeveer 2,5 tot 3 uur op studiedagen voor OMPT-A, wat optelt tot de 80 uur die de toetsaanbieder aanbeveelt. Proeftoetsdagen kosten 3 uur: 120 minuten voor de toets plus nakijken. Twee sessies van 60 tot 90 minuten met een pauze werken beter dan één blok van 3 uur.

Wanneer maak ik proeftoetsen tijdens de 30 dagen?

Dag 1 (vóór je iets bestudeert, als nulmeting), dag 15 en dag 27. Drie volledige proeftoetsen is genoeg; meer dan één per week kost studietijd zonder iets nieuws te vertellen. De echte OMPT moet minstens 72 uur van tevoren geboekt worden, dus dag 27 is de laatste dag om hem te verzetten.

Wat als mijn nulmeting onder 40% ligt?

Een nulmeting onder 40% betekent meestal methode-onbekend-fouten in Algebra en Kwadratische vergelijkingen, niet alleen in de moeilijke hoofdstukken. Plan 6 tot 8 weken in plaats van 30 dagen, of gebruik de volle 30 dagen met 3,5 uur per dag voor een doel van 60%. Check of je opleiding 60% accepteert: veel opleidingen wel, maar Erasmus School of Economics IBEB vraagt 70% op OMPT-A.

Welke hoofdstukken wegen het zwaarst bij OMPT-A?

Functies (35 onderwerpen) en Differentiëren (34 onderwerpen) vormen samen 69 van de 176 onderwerpen, ruwweg 40% van de syllabus. Daarna komen Algebra (26) en Kwadratische vergelijkingen (21), die voorkennis zijn voor al het andere. Getallen, Lineaire formules en Stelsels van lineaire vergelijkingen zijn samen 44 onderwerpen die de meeste studenten in een week doorwerken.

Bronnen

Exam.ify is een onafhankelijke aanbieder van examenvoorbereiding en is niet verbonden aan, goedgekeurd door of gelieerd aan de officiële OMPT-test of de exploitant ervan. Zie onze juridische pagina voor details.